Conference van Claudia de Breij
Jaren geleden was het de rode draad in een conference van Claudia de Breij. Ik moest eraan denken toen ik onlangs een lezing gaf over Vitaal voedsel: hoe krijgen we de consument zover dat hij het ook gaat kopen?
Precies die week stond er een groot krantenartikel over de worstelingen van boeren en telers in de lokale keten. Waarom lukt het toch zo moeilijk om die echt succesvol te maken, ondanks alle prachtige initiatieven en opstartsubsidies? Intussen gaan er weer bedrijven failliet. Onder de failliete bedrijven bevinden zich veel gedreven, kundige mensen met een groot hart voor lokaal en duurzaam voedsel. Volhoudbaar voedsel! Denk je eens in welke prachtige stappen we zetten voor de planeet als we alleen al drastisch op voedselkilometers besparen. En wat betreft chemicaliën, zie het oranje kader verderop in dit artikel.
De politieke wil lijkt vaak vooral in verkiezingstijd aanwezig. De marketingkracht van supermarkten is enorm. En de consument kiest toch weer voor de laagste prijs van goedkoop voedsel uit Verweggistan. Zo worden er steeds opnieuw redenen genoemd waarom de lokale keten zo hard moet zwoegen… en toch vaak verliest. Met uiteindelijk alleen maar verliezers voor zowel mens als planeet.
We hebben geen gebruiksaanwijzing meegekregen
Na ruim tien jaar in de korte keten te hebben rondgelopen, herken ik al die redenen. En kan ik ze alleen maar beamen. Maar ik ben van mening dat er iets aan voorafgaat.
We hebben nooit geleerd wat de gebruiksaanwijzing van ons lichaam is. We verlaten school met een hoofd vol kennis, maar zonder inzicht in onze mensnatuur. Krijgen we bij een auto een volledig dashboardboekje en bij elk huishoudelijk apparaat een uitgebreid instructieboekje… dat hebben wij als mens nooit ontvangen.
Onze auto geeft aan wanneer we moeten tanken of wanneer we de verkeerde brandstof gebruiken. Maar die signalen herkennen we in ons lichaam of brein vaak pas als er al klachten of ziekten zijn.
Dat was de insteek van mijn allereerste boek, Weten van (h)eerlijk eten: mensen de gebruiksaanwijzing overhandigen van de voedingseisen die ons lichaam stelt. Want ons lijf en brein kunnen alleen floreren in een schone omgeving, met schoon water, schone lucht en eerlijk, vitaal voedsel: zonder bestrijdingsmiddelen, mét voedingswaarde, met levenskracht.
En waar komen we dat voedsel eigenlijk tegen? Buiten de deur komt goed en eerlijk voedsel zelden voor. Als je nooit leert dat eten en voedsel twee verschillende dingen zijn, is het logisch dat we ons geld blijven uitgeven aan anoniem voedsel van ver weg. Ook als we ons makkelijk kunnen veroorloven om goed en eerlijk voedsel te kopen.
Ik ben van mening dat goed en gezond voedsel voor elke portemonnee bereikbaar is. Zie bijvoorbeeld mijn artikelen over bijstandsmoeder Lizette – ‘maximaal gezond met een minimaal budget’ – en mijn artikel ‘10 tips om in tijden van inflatie goed en gezond te eten’.
Het ontbrekende dashboardboekje van de mens

Oma, wat heeft u eraan gedaan?

Weer verliefd worden
Volgens mij begint kiezen voor lokaal, eerlijk en duurzaam voedsel daarom niet in de supermarkt, maar bij de relatie met onszelf. Omdat we vinden dat wij het waard zijn om voedsel te eten dat onze vitaliteit én die van de planeet ondersteunt. Eerst weer verliefd worden op onszelf. En begrijpen dat we natuur ZIJN. En dat volwaardige voeding: zonder chemicaliën en zonder duizenden voedselkilometers ons duizenden jaren heeft gevoed, tot pas zo’n zeventig jaar geleden.
Dat is het voedsel dat liefdevol is voor ons lijf, ons brein en voor de mensen die aan onze zorg zijn toevertrouwd.
En stel dat ik over 30 jaar 92 ben, zoals op de foto, en mijn kleinkinderen vragen: “Oma, wat heeft u eraan gedaan om de planeet en onze gezondheid te redden?”
Dan hoop ik te kunnen zeggen:
Oma heeft gedaan wat in haar macht lag. Ze heeft elke dag geprobeerd de intense, liefdevolle relatie tussen mens, voedsel en planeet onder de aandacht te brengen. Om zoveel mogelijk mensen weer verliefd te laten worden. Want alles waar je een innige band mee hebt, wil je koesteren en beschermen.
Inspiratie nodig?
Ik vertrouw erop dat alle opa’s en oma’s, en ik beschouw elke volwassene als zodanig, vanuit hun eigen kennis en vaardigheden ook kunnen zeggen: ik heb dit gedaan.
Twijfel je of jij iets bij te dragen hebt? Kijk dan eens naar de prachtige documentaire ‘Famous Last Words’ van Jane Goodall. Of lees het prachtige boek “De Kleine Prins”.
Als iedereen een klein stapje zet vanuit zijn of haar beroep en passie, dan maken we samen grote stappen voor de gezondheid van de mens en de planeet. In elk geval een deel van je voedseleuro’s uitgeven aan boeren en telers in jouw omgeving die volhoudbaar voedsel produceren, is al een prachtige stap.
Wij leven met bijna 18 miljoen op de hele kleine postzegel Nederland. Bijna de helft van de Nederlandse grond wordt gebruikt voor intensieve landbouw/bollen. Op Cyprus na gebruiken wij de meeste bestrijdingsmiddelen per hectare (vooral dankzij de bollenteelt). Een kleine 4% van onze grond wordt biologisch beheerd. Dus juist voor ons, als inwoners van een klein land met zoveel intensieve exportlandbouw, zou het toch logisch zijn dat we ons juist sterk maken voor minder bestrijdingsmiddelen in plaats van meer? In onze gezondheidszorg (met uitzondering van artsen als Bas Bloem, bezorgde burgers zoals in de Zembla-uitzending en heel veel mooie regeneratieve initiatieven) is er nog steeds weinig aandacht voor onze voedsel-, water-, bodem- en luchtkwaliteit. Dit heeft ook gevolgen voor onze bestaanszekerheid, ongeacht hoe vaak dit woord in politiek Den Haag wordt genoemd. Minder voedselkilometers en minder bestrijdingsmiddelen is een serieuze goede stap richting een gezondere aarde en gezonde mensen.

